Besix – Station Aalter

Project Detail

Op de lijn 50 A , Brussel – Oostende , wordt tussen Gent en Brugge het aantal sporen van 2 naar 4 gebracht dit om het goederen vervoer en personen vervoer op het spoor beter op elkaar te kunnen afstemmen. Op het vak Aalter – Beernem zijn daarom verschillende nieuwe kunstwerken gepland. Het station van Aalter , KW21 , zal hiervoor belangrijke aanpassingswerken ondergaan . Zo zullen de perrons worden verhoogd en de toegankelijkheid ervan worden verbeterd door de aanlag van lange toegangshellingen  waardoor de toegankelijkheid voor minder mobiele reizigers sterk wordt verbeterd.

Tenslotte wordt er ook een gans nieuw multifunctioneel gebouw , met loketruimtes en een parkeertoren gebouwd en wordt de ganse stationsomgeving heraangelegd.

De werken zullen worden uitgevoerd door de THV Besix – Besix Infra. Voor de uit  voering van de bemalingswerken werd beroep gedaan op de diensten van de firma G. Smeyers nv. uit Zandhoven.

Ter plaatse van het station van Aalter bevindt het maaiveld zich omstreeks het peil +16,80 TAW, het grondwater bevindt zich omstreeks het peil +15,46 TAW. Naast de huidige 2 bestaande sporen , worden twee nieuwe spoorlijnen aangebracht , één aan elke kant.  Tussen de bestaande sporen en elke nieuw aan te leggen spoorlijn word een nieuwe toegangshelling naar de perrons voorzien.

Volgens het oorspronkelijk ontwerp diende de uitvoering van de toegangshellingen te worden voorzien in een bouwput gevormd door damplanken. Er waren drie bouwputten voorzien , 2 bouwputten met afmetingen 65 x 5 m en één met afmetingen 55 x 5 m . De bemaling van de bouwput diende binnen de bouwput te worden uitgevoerd. Het grondwaterpeil moest verlaagd worden tot op het peil +10, 75 TAW om de toegangshellingen in den droge te kunnen bouwen.

Door de firma G. Smeyers werd een bemalingsstudie uitgevoerd op basis van een 3D computersimulatie model. Hierbij werd voorgesteld , op basis van het beschikbare grondonderzoek, de bemaling uit te voeren met vacuüm dieptebronnen ingepland op de grens van de werkzone. Hierdoor konden de bouwputten van de toegangshellingen worden drooggezet zonder hinder voor de werken en ook zonder hinder voor het spoor waardoor nachtwerk kon worden vermeden.

Door de suggestie om de bouwputten van de toegangshelling droog te zetten met vacuümbronnen ingeplant op de grens van de werkzone is het idee ontstaan de damplanken te vervangen door beschoeide sleuven . Hiervoor diende het grondwater echter verlaagd te worden tot het peil +9,56 TAW. Ook deze situatie werd door G. Smeyers gesimuleerd . Deze nieuwe uitvoering gaf echter aanleiding tot een hoger op te pompen debiet waarbij de grens van 2500 m³/dag dreigde te worden overschreden , alleszins bij de opstart van de bemaling. Dit zou echter aanleiding geven tot een nieuwe vergunningsaanvraag klasse 1. Dit diende ten alle prijzen te worden vermeden.

De oplossing was vrij eenvoudig en kon worden verholpen door de bemaling op de te delen in twee bemalingszones welke ieder afzonderlijk en geleidelijk zullen worden opgestart.

Ten slotte moest ook nog een oplossing worden gevonden voor het lozen van al het opgepompte grondwater. Het lozen van het grondwater op de riolering was niet echt een optie.

De mogelijkheden van retourbemaling werden onderzocht maar er was geen mogelijkheid om de retourbronnen in te planten binnen de werfzone dus ook deze optie kwam al snel te vervallen.

Al snel kwam men uit op de oplossing van de installatie van een apart pompstation , geïnstalleerd  op de werf , met een capaciteit van maximaal 100 m³/h.  Het opgepompte grondwater wordt via een afvoercollector 160 mm van ca 1000 m, aangelegd naast het spoor, afgevoerd naar de dichtstbijzijnde waterloop , waar het bemalingswater ter hoogte van duiker D10 in de waterloop wordt geloosd.

De bemalingsinstallatie met vacuümdieptebronnen en het pompstation  zijn operationeel vanaf begin Augustus . Het beoogde bemalingsresultaat werd zonder problemen behaald en de uitvoering van de beschoeide sleuven is inmiddels volop aan de gang.

Het werf KW21 is voor G. Smeyers een belangrijke referentie. Door de inbreng van de firma G. Smeyers is de uitvoering van de toegangshellingen veel minder complex geworden.

Het versterkt bovendien de reeds jarenlange samenwerking met de firma Besix en Besix Infra maar bovenal versterkt het zeker ook onze perceptie bij de bouwheer als zijnde de specialist in de uitvoering van complexe bemalingswerken.